Doorgaan naar hoofdcontent

Levenslessen van Jakob (2)

Jakob hoort een gesprek. Zomaar vangt hij iets op, wat ook heel belangrijk is! Het moest zo zijn. Heb jij dat ook weleens? Er gebeurd iets wat je precies nodig had, of je hoort iets wat je goed kan gebruiken. Jakob hoorde de zonen van Laban zeggen: Jakob heeft onze vader alles wat hij bezat afhandig gemaakt. Al de rijkdom die Jakob heeft, die heeft hij gekregen over de rug van onze vader. Ondertussen had Jakob al langer gemerkt dat Laban niet meer zo vriendelijk was. Er was iets veranderd, maar echt de vinger er op krijgen wat er nu was, dat lukte niet. Totdat Jakob de zonen van Laban zo hoorde, zijn zwagers, die zo over hem spraken. 


De opdracht


Net als zijn voorvaderen, en als hij eerder had ervaren, kreeg Jakob een boodschap van God. Ga op reis! Keer terug naar het land van je voorouders, ga terug naar je familie. Abraham moest zijn familie verlaten, en gaan naar het land dat God hem wijzen zou. Dat land zou voor zijn nageslacht zijn. Jakob moest terug naar het land van Abraham, zijn grootvader! Ook een opdracht, als je bedenkt hoe hij daar weg ging. Hij was gevlucht, bang voor zijn leven, bang door wat hij had gedaan. En nu was daar Gods stem. Vlucht niet langer, ga terug naar het punt waar je vandaan kwam. Een reis, met zijn hele gezin. Zijn vrouwen die hun familie achter moesten gaan laten door deze opdracht. Daar kan je zomaar vele beren op de weg zien. Maar God stopte hier dan ook niet bij. Hij gaf Jakob, weer Zijn belofte: Ik zal je terzijde staan. Wat is dat heerlijk om te weten! Met God aan onze zijde, kunnen we alles aan. Jakob ging op reis!



Haastige spoed


Direct roept Jakob zijn vrouwen Lea en Rachel bij zich. Hij verteld wat er gebeurd is, en wat God hem had opgedragen. Hij moest terug naar zijn vaderland. Rachel en Lea zeiden beide: Wat hebben we hier te zoeken? Er valt van onze vader niets meer te erven. Hij heeft ons als vreemden behandeld, hij verkocht ons en maakte ons geld op. Ze zeiden na alle negatieve woorden ook iets moois: Aarzel dus niet om te doen wat God je heeft opgedragen. Wat een mooi antwoord om aan je man te geven. Volg God, ik sta achter je. Treuzel niet, en ga voor Hem! Durven wij als vrouwen zo achter onze mannen te staan? Het gaat dan om vertrouwen en een zeker respect. Je gelooft dan in je man, en je geeft je over aan hem, en aan God. Jakob maakte alles gereed! Laban was de schapen gaan scheren. En Rachel? Die maakte misbruik, van deze ruimte. Ze kon er niet mee omgaan, wilde toch iets meenemen van haar oude leven. Ze nam de godenbeeldjes van haar vader mee. Jakob bedroog Laban door er zo maar stiekem tussen uit te knijpen. Het voelde veiliger, maar het was niet eerlijk, niet moedig. Weer ging Jakob vluchten, met alles wat hij bezat. Drie dagen was Jakob onderweg, toen Laban eindelijk het bericht ontving dat Jakob vertrokken was. Laban zette de achtervolging in! Onderweg liet God merken dat hij Jakob terzijde stond. Laban kreeg een droom waarin God hem waarschuwde. Denk erom dat je Jakob geen strobreed in de weg legt! Niet lang hierna haalde Laban Jakob al in. Haastige spoed, een haastig gemaakte keuze, het kan fout gaan. Niet alleen in het reizen was Jakob gehaast, maar ook in hoe hij spreekt!

Stille getuige


Jakob, je mag dan hals over kop vertrokken zijn omdat je verteerd werd door heimwee. Maar, waarom heb je mijn goden gestolen? Hier was het, de te snel gesproken woorden van Jakob: Ik was bang dat u mij zou beroven van uw dochters. Maar (!) degene bij wie u uw goden aantreft, mag niet in leven blijven. Onderzoek ons maar, kijk maar of er iets is dat van u is en neem dat dan terug. Jakob wist niet wat hij uitsprak. Hij had geen idee van wat Rachel gedaan had.  Maar God wel! Door een list van Rachel werden de beeldjes niet gevonden. Ze verteld haar vader dat hij niet boos moet zijn. Ze staat niet op van haar kameel, want ze is ongesteld. Stiekem zat ze boven op de afgoden van haar vader, terwijl ze onrein was. Na een eerlijk relaas tussen Jakob en Laban, sluiten ze een overeenkomst. Ze plaatsen een gedenksteen en legden er nog vele stenen omheen. Bij deze steenhoop gebruikte ze de maaltijd. De plaats waar dit gebeurde was Mispa, want laat de Heere er op toe zien, op jou en mij, wanneer we niet bij elkaar in de buurt zijn. God is getuige van dat wat wij doen. Hij kijkt mee hoe wij werkelijk leven. Niet alleen bij wat we doen, maar ook wat er van binnen gebeurd. Voor wie we kiezen, wie we volgen, wie wij vertrouwen. We mogen leren dat Hij aan onze zijde is. Dat hij Zijn weg voorbereid. Zoals Hij ook in een droom verscheen aan Laban, om het leven van Jakob te beschermen. Wij mogen weten, we hoeven het niet allemaal zelf op te lossen! Jakob laat mij ook een deel van mezelf zien. De creatieve wijze waarop hij zijn opdrachten vervuld. Maar het is een eigen manier van werken. Sommige dingen is vooral het volgen van zichzelf. Niet zoals God het hem gevraagd had. Maar we mogen oefenen en trainen. Tot wij het beloofde land in gaan! 

Reacties

  1. Geweldig om te weten. Ik vind het lied ook zo mooi.

    En ik vrees een gevaren meer,
    met mijn God steeds aan mijn zij.
    Voor wie zou ik nog vrezen?
    Hij is toch bij mij? Hij is toch bij mij?

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

Ik vind het leuk als je een reactie achterlaat.
Wil je wel reageren maar niet dat jouw reactie openbaar staat?
Mail gerust naar:

schrijfgelukjes@gmail.com

Populaire posts van deze blog

Zoekend naar het Licht (deel 2)

Verlangend naar het Licht
In mijn leven was ik al heel jong op zoek naar het Licht. Maar de manier waarop Hij aan mij werd gepresenteerd maakte mij bang. Niet alleen voor wie ik ben, maar vooral voor het feit dat het Licht er niet voor mij zou zijn. Door dingen die gebeurt zijn in mijn leven voelde ik mij niet geliefd, niet gezien door mensen waar ik mijn vertrouwen op gesteld had. Dat maakte dat er diepe duisternis in mijn leven kwam.

Mijn leven in duisternis
Vooral wat ik leerde over de Redder, Jezus. Gods verlossingswerk, dat was alleen voor de mensen die door God, ver van tevoren, uitgekozen waren. Dat God het verlossingswerk door mensen heen wilt werken, maar dat het iets is wat je mag ontvangen. Je kan er zelf niets aan doen. Nou als mensen waar ik van hield, waar ik zo goed mijn best voor deed, mij niet zagen...... Waarom zou God dan naar mij om zien?Dit te bedenken, als jonge vrouw, maakte mij zo eenzaam. Geen verbinding merken met mensen om mij heen, maar ook geloven dat het…

Zoekend naar het Licht (deel 1)

Dolend in het duister
Na de zondeval is er een breuk gekomen in de relatie tussen God en de mensen. Daarom leven wij in duisternis, doordat we geestelijk dood zijn gegaan. God was de bron van leven.

Omdat wij al langere tijd in duisternis leven, zijn wij ons gaan aanpassen aan deze staat van zijn. We zijn steeds meer onwetend over de ellende waarin wij verkeren. Daardoor kunnen wij zelfs zekerheid gaan zoeken in deze onzekere en onveilige wereld. Hiermee bedoel ik de wereld in ons zelf en ook letterlijk de wereld waarin wij leven. Zo zijn wij al snel houvast aan het zoeken of cre√ęren in bijvoorbeeld:

Carri√®reGeldPrestatieGoedkeuringControleBezittingenStatusEer (je goede naam)RelatiesGezondheid Zolang dit goed gaat? Biedt het ons een zekerheid, en zie je niet hoe kwetsbaar je werkelijk bent. Op het moment dat het door je vingers glipt dan voel je hoe het duister om je hart kan grijpen. Dan voel je wel weer je werkelijke staat van het aardse leven. 
Alle bovenstaande punten hebben nameli…

Is er iets onmogelijk voor Hem?!

Zie, Ik ben de HEERE de God van alle vlees; zou Mij enig ding te wonderlijk zijn?
Jeremia 32:27
Observatie van de tekst
Wauw wat een gebed van Jeremia tot God, in hoofdstuk 32 vanaf vers 16, wat een verheerlijking van wie Hij is en wat Hij kan. Ook belijdt Jeremia oprecht de misstappen van Zijn volk en hij omschrijft de situatie zoals deze is. Jeremia geeft aan dat wat God voorzegt had ook geschied is. De Heere zelf antwoord Jeremia hierop dat Hem niets te wonderlijk is.

Hoe bijzonder is dit?! Het doet mij denken aan Job, en hoe hij sprak tot God, en tegen zijn vrienden.

Voor God is niets onmogelijk, daar wordt in mijn kanttekeningen verwezen naar vers 17, het gebed van Jeremia:

Ach HEERE HEERE, zie, Gij hebt de hemelen en de aarde gemaakt, door Uw grote kracht, en door Uw uitgestrekten arm; geen ding is U te wonderlijk.

En in het vers van vandaag bevestigd God wat Jeremia aanhaalt. Als belofte om ook in deze angstige zaak op te mogen vertrouwen.

Want wees eerlijk? Als God de hemel en …